|
• Uit Zweden Deze gebroken zwerfkei bij Nijemirdum in Gaasterlân-Sleat maakt deel uit van de zwerfkeienroute in die gemeente. De in Friesland aangetroffen zwerfstenen en veldkeien (kinderkopjes) werden zo’n 100.000 jaar geleden door een 250 meter dikke ijsmassa van Zuid-Zweden naar Noord-Nederland geduwd. De gemeente Gaasterlân-Sleat ligt op een tot 10 meter hoge stuwwal van keileem, gevormd door een gletsjer. Ook Koudum ligt op zo’n wal van grondmorene. Tussen deze “gaasten”, de keileemruggen aan beide zijden van de gletsjer, bevindt zich het gletsjerdal. Dat is met het stijgen van de zeespiegel en het wegspoelen van veenpakketten ondergelopen: de Morra en de Fluessen. |
|
• Rijsterbos Gaasterland heeft frisse lucht, bossen, weiden en veel recreatiewater. Het nodigt wandelaars, fietsers en pleziervaarders uit tot een actieve vakantie. |
|
• Gaasten Meer dan 100.000 jaar geleden koelde het wereldklimaat regelmatig af. Die duizenden jaren durende koudefasen, de ijstijden, werden afgewisseld door warmere perioden. De hoogten van Gaasterland zijn ontstaan in de voorlaatste ijstijd. Toen voerde meer dan 250 meter dik landijs keileem mee uit Scandinavië. Keileem is vette leem met kleine en grote (zwerf)keien. Deze grondmorene werd in de noordelijke helft van Nederland door het langzaam smelten van de ijsmassa’s afgezet in een laag van soms enkele meters dik. Doordat het ijs zich aan het eind van de ijstijd terugtrok en een paar keer tijdelijk weer zuidwaarts werd opgeduwd, ontstonden keileembulten. Deze heuvels zijn ellipsvormig en hebben een hoogte van ruim tien meter. Die hoogten heten in het Fries “gaasten”. Vandaar de naam Gaasterland. |
|
• Oudemirdumerklif Er zijn enkele overeenkomsten tussen het Salzburgerland en Gaasterland. Beide regio’s steken een behoorlijk eind boven de zeespiegel uit, in beide landen beheren natuurbeschermingsorganisaties en boeren het landschap. En er zijn meren. Beide zijn eeuwenoude vakantiebestemmingen. “Evergreens” die met de tijd mee zijn gegaan. |



























